Search

carlotiscontent

Awkward content

Month

Mar 2016

Vis

Ik wou dat ik een vis was

In een kom vol alcohol

Dan was mijn leven een delirium

En minstens net zo zinvol

Advertisements

Winter

The cold and dark days of depression
Never seem to cure my strange obsession
To think I like these wet and snowy days
Sprung from King Winter’s cruel ways
By all means, it’s useless to pretend
Or believe, that winter is my friend

The skies rain sorrow over frozen land
Freezing both my feet and hands
I slip and slide trough snowy lanes
This winter even stops the trains
My bike becomes a useless thing
When far too early, darkness sets in

As my breath turns into smoke
I try to understand this Godless joke
Winter comes to no-one’s joy
It’s just some sports that find deploy
There is no point in staying up late
We should all just hibernate

Een ode

Het kwam door de mango’s, of manga zoals het hier heet. Dat heerlijke fruit waarvoor je in Nederland de hoofdprijs betaalt, terwijl je dan nog grote kans loopt een veel te harde onsmakelijke te hebben gekocht. Dezelfde vrucht valt hier gewoon bij mijn buurman uit de boom. En het was precies deze vrucht die mij deed inzien hoe mooi Suriname is. De Surinaamse mango is zo geweldig dat ze een volledig andere betekenis aan het woord ‘fruit’ in mijn vocabulaire geeft. Het verbaast me dat ze hier in Suriname niet de mangoboom aanbidden. Als ik niet zo’n atheïst zou zijn, dan zou ik niet beter weten dan dat deze boom het directe werk van een godheid is. Dat de Katholieken dit stuk groen nog niet op hun zwarte lijst hebben gezet, zoals ze bij alle dingen doen die lekker of fijn zijn, verbaast me oprecht. De Surinaamse Mango is zo’n fascinerend stuk fruit dat ik dat, en niet mijn liefde voor wie dan ook, als reden zou kunnen geven om hier nooit meer weg te gaan.

De manga’s zijn zo lekker dat ik haast niet geloof dat ze zo uit de boom vallen. Het lijkt alsof mijn buurman de boom inspuit met suikerwater, zo zoet zijn de vruchten. De buitenkant doet absoluut geen recht aan de binnenkant, want als je de onrijp uitziende vrucht opensnijdt druipt het sap door je vingers en prikkelt de zoete geur je reukorgaan. De kleur van het vruchtvlees is zo diep okergeel dat het bijna pijn doet aan je ogen. En het maakt niet uit of de mango hard of zacht is, de smaak is altijd even verrukkelijk en je tanden gaan er altijd even makkelijk doorheen. En het mooiste is nog dat de mangoboom niet seizoensgebonden is waardoor ze 365 dagen per jaar vruchten van haar takken laat vallen.

Hoewel ik iedere dag de beschikking heb over meerdere verse mango’s gaat het eten ervan me nog steeds niet vervelen, en ik denk ook niet dat dit snel zal gebeuren. Ik zou er mee kunnen gooien, zoveel heb ik er. Maar toch, als ik een stukje op de grond laat vallen ontspringt van mijn lippen een scheldkannonade, alsof het mijn laatste beetje eten is dat ik verkwist.  Gewoon omdat het niet goed voelt om een stukje paradijs te verspillen denk ik.

Maar het was dus dit stukje goddelijk voedsel dat me deed inzien in wat voor luxe positie ik me bevind. Het feit dat mijn lievelingsvrucht gewoon voor het oprapen ligt en dan ook nog eens een veel zoetere versie dan ik ooit had durven dromen, deed me inzien dat Suriname wel de verwezenlijking van het Paradijs op aarde moet zijn. Natuurlijk zijn er genoeg dingen waar ik me dagelijks aan erger, zoals dat Tyfus ‘waka, waka-wave your flag- WK-nummer’ dat hier nog steeds plat wordt gedraaid en ook de idioten die de hele dag naar me fluiten doen mijn bloed koken, maar deze ergernissen verdwijnen als sneeuw voor de zon op het moment dat ik mijn tanden in een Manga zet. Het verdere voedsel dat ik binnenkrijg getuigt van weinig fantasie omdat je hier alleen maar rijst met kousenband kan krijgen. Maar dat is niet de reden dat ik de manga zo (over)waardeer, het gaat erom dat ik hier steeds tegen een paar kleine dingen aanloop die mijn dag goed maken.

Eerst was het de zon die me vreugde bracht, en daarna was het de regen, die eindelijk voor verkoeling zorgde. Maar snel begonnen de weersomstandigheden te wennen en voedde ik mijn geluk met andere zaken. Zoals het zien van de moskee en de synagoge die hier gebroederlijk naast elkaar staan. Of de gekken die de Waterkant bevolken, de Chinees op de hoek die op totaal willekeurige tijden een luik in zijn huis opengooit om drank en sigaretten te verkopen, het liggen in mijn hangmat zonder me lui te voelen,uren besteden aan het lezen van boeken, omdat mijn tv het niet doet. Heerlijk. Of de duizenden ambtenaren die om 7 uur ’s ochtends inklokken, naar de kroeg gaan en om 3 uur ’s middags weer richting een ministerie snellen om uit te klokken. Gewoon omdat dat hier kan. Van dat soort dingen geniet ik. Suriname is een smeltkroes van culturen en gewoontes die de samenleving van Paramaribo vormen en waar ik iedere dag weer van geniet, terwijl ik me er tegelijkertijd aan erger. Maar niets brengt mij zoveel vreugde en verbazing als het eten van een manga.

 

Create a free website or blog at WordPress.com.

Up ↑